Zelden heeft het zoveel moeite gekost om een rit te rijden. En de rit zelf verliep ook al niet zonder problemen.

Ik begin bij het begin....


Op dinsdag 28 april had ik een rit voorzien met de collega's van het werk. Maar gezien een paar collega's de nacht hadden, of op reis waren, werd de groep al snel uitgedund tot 6 man. Maar niet getreurd, met 6 kan je veel plezier maken. Daarvoor doen we het dan ook. Maar helaas, de avond voor de rit komt daar ene Frank Deboosere zijn weerpraatje brengen op de VRT. En helaas beste mensen, morgen wacht ons een verregende dag. OK, niets aan te doen. Het weer kan je nu eenmaal niet bestellen.

Dus ... de 5 collega's worden verwittigd dat de rit wegens het slechte weer niet zal doorgaan. Uiteraard zijn ze teleurgesteld, maar ze begrijpen de beslissing.Tot ieders verbazing is het dag nadien een zonnige en vooral poerdroge dag. Dit is om te balen. Het duurt dan ook niet lang vooraleer ik de collega's hoor. Maar helaas kan ik aan dergelijke voorspellingen niet veel veranderen. De rit zal dan later verreden worden.

Donderdag 30 april

Yves en ik besluiten om naar Izegem te gaan, en daar nog eens de Izegemse Pijl te rijden. Maar eenmaal we daar aankomen, blijkt dat we het GPS bestand al verwijderd hebben van onze Garmin. stom, stom, stom ...
Daar de rit met bordjes werd bewegwijzerd, staan we daar mooi te blinken. Dan zit er niets anders op dan door te rijden met de wagen naar Doornik.

Eenmaal we daar aankomen, merken we op dat er nog niet veel bordjes hangen. Geen probleem, de rot van 100 en 150 km staan op onze Garmin. Maar al vlug blijkt dat die ons vandaag niet veel zal helpen. We vinden
de juiste weg niet naar de vertrekplaats. Dankzij een andere wielertoerist weten we dat we de gele GT merktekens op de grond moeten volgen.

En ja, na een korte tijd zien we ook de eerste bordjes opduiken. Gelukkig maar zou later blijken. Al vlug krijgen we een paar beklimmingen onder onze wielen geschoven. De eerste is die van "Vert Bois". Die best te doen. Intussen klimt de zon hoger aan de hemel, en wordt het heel aangenaam fietsweer. Na een kleine 23 km krijgen we een eerste nijdige klim aangeboden. De "Trou Robin". Met een piek van 17% dicht bij de top knarst de ketting een eerste keer.

Maar wat later begint de GPS miserie. Te Frasnes moeten we een lus volgen (waar normaal de bevoorrading voorzien is). Maar de Garmin slaat er tilt. Ofwel worden we terug naar de startplaats gestuurd, ofwel doet hij niets meer. Na diverse keren om en door Frasnes te hebben gefietst, vinden we eindelijke de juiste weg. Jammer genoeg hebben we dan al een dik half uur verloren.

Maar goed, we kunnen de pijlen volgen, en die brengen ons op goede weg. Na pakweg 37 km krijgen we zowaar een kasseistrook "aangeboden". En die gaat lekker omhoog. Eerst zachtjes, om beetje bij beetje meer te stijgen. Maar de benen malen lekker de omwentelingen rond, en onze hartslag blijft, net als de ademhaling, netjes onder controle.

Ongeveer halfweg onze rit (we reden uiteindelijk de 100 km) wordt het allemaal wat serieuzer. De Côte de Boussée dwingt ons voor het eerst uit de zadel. We lezen nog net iets van 18% op onze GPS. Maar we willen het eigenlijk niet weten.

Dan komen we aan de splitsing. En hier moeten we helaas besluiten om voor de 100 km te gaan. Die 50 meer van de grote rit zou ons in tijdsgebrek brengen. Maar niet getreurd, dat komt nog wel eens. Als we ergens het goede GPS bestand te pakken krijgen, komen we gegarandeerd eens terug.

Intussen belanden we in een meer bosrijk gebied, en mogen we genieten van de koelte die deze bossen herbergen. Vanaf dan gaat het steevast rustig op en neer, zonder dat het echt lastig wordt. We genieten dubbel en dik van alles : het weer, de omgeving, de rit. Het leven van een wielertoerist kan mooi zijn.

Zoals vaak zijn de laatste loodjes het zwaarst. Vooraleer we terug mogen naar Doornik, wachten er ons nog twee hellingen. De eerste, de Col du Jubaru is niet zo bijster lastig. Maar de kilometers laten zich al een beetje voelen. Direct na de top gaat het naar de Mont St-Aubert. En die kennen we nog van de Izegemse Pijl. Alleen nemen we die van de (volgens mij) gemakkelijke zijde. Maar eenmaal boven weet je dat de rit voorbij is, aen geniet je van de laatste meters.

Na 5u24 en 110 km staan we weer aan de Expo van Doornik. Met net geen 1200 hoogtemeters blikken we terug op een zeer geslaagde dag. Wetende dat Doornik best dicht bij Brugge ligt, is de kans reel dat we hier nog gaan terugkomen. Als we terug naar huis rijden, zien we dat de "Grinta" bordjes nu aan de start hangen. De personen die ze ophangen, wuiven ons na.

De Grinta is een schitterende rit!!! Een echte aanrader. Mooie beklimmingen, een streek die er zeer rustig bij ligt. Kortom, een waar wielerparadijs!!!
stacks_image_64587AB2-FB09-4009-B5BD-7202ED00C69B
stacks_image_2EEEED58-3CE5-4829-A68D-0BE549B982BD

2009



Vogezen
Grinta!!!
Grinta 2!!!
Izegemse Pijl
Heuvelland


© 2009 Hans Dobbelaere